
FILM
Deze bespreking betreft de in 1973 door Kümel zelf gemonteerde versie voor de Vlaamse bioscooprelease. De film werd in eerste instantie gemonteerd door Richard Marden, en op het filmfestival van Cannes vertoond. Kümel kon zich niet vinden in het werk van Marden en besloot zelf een nieuwe, Nederlandse versie te monteren. Kümel spreekt hierbij zelf de stemmen in van zes personages. Uiteindelijk heeft hij zes maanden gewerkt aan deze director’s cut.
Malpertuis is een bizarre, vreemde, symbolische, duistere, fantasierijke, mysterieuze film; in ieder geval alles behalve gewoon. Niets is wat het lijkt en alles heeft een of meerdere betekenissen of dubbele lagen. De film vertelt het verhaal van een spookhuis genaamd Malpertuis waar oude Griekse Goden gevangen worden gehouden door de stervende oom Cassavius. Cassavius is de oom van Jan. Jan is matroos en keert terug naar zijn geboortestad en belandt in Malpertuis. Een huis vol gangen en paden, trappen en verborgen kamers. Het huis kent een geheim, maar welk? Ondanks dat Jan zich gevangen voelt in het huis, wil hij het mysterieuze geheim ontrafelen …
De fotografie is schitterend. Prachtig spel met beeld, licht, schaduwen en objecten. De aankleding en locaties hebben veel weg van barok. Veel kleuren, overdreven en groots. Prachtig hoe dit in beeld wordt gebracht. In de documentaire De Malpertuis Archieven komen ook veel interessante weetjes boven tafel over hoe men de voorstelling van het huis Malpertuis heeft kunnen creëren. Zo is er veel gebruik gemaakt van schilderingen (de eindeloze gangen en trappen, schaduwen van het licht). Tijdens het bekijken van de film was me dat niet eens opgevallen, erg knap! De eerste 15 minuten spelen zich nog buiten het huis af, maar ook hier krijgt het simpelste straatje een aparte uitstraling. Het lijkt allemaal zo anders dan normaal. Het laat je de sfeer van de film al meteen proeven. Ook speelt de camera op sommige momenten een spel met de acteurs en diens omgeving en laat ze meer een miniatuur voorstelling van zichzelf zijn.
De cast van de film zit vol met bekende namen, met als hoogtepunt natuurlijk Orson Welles. Hij speelt Oom Cassavius, het sleutelfiguur van de film. Hoewel hij zich als een klootzak moet hebben gedragen op de set, zet hij zijn rol sterk neer. De jonge Susan Hampshire maakt wellicht nog de meeste indruk. Ze speelt drie verschillende rollen: Nancy, Euryale en het ‘nonnetje’ Alice. Drie totaal verschillende karakters, met drie keer een totaal verschillend uiterlijk, maar allemaal even geloofwaardig en boeiend neergezet door de mooie Hampshire. Hoofdrolspeler Mathieu Carrière kreeg een totale ‘make-over’ en vertoont geen enkele gelijkenis met zijn eigen uiterlijk in die dagen. Ook hij zet een goede rol neer en weet op sommige momenten de beklemmende sfeer goed zichtbaar te maken. De Vlaamse dub klinkt natuurlijk niet altijd even naturel, maar als je je daaroverheen kunt zetten (wat je eigenlijk gewoon moet doen) zie je een bijzondere film.
Knap hoe alles richting het einde toe steeds meer in elkaar valt. Net als Jan werk je mee aan een speurtocht die je het hele huis en zijn bewoners laat kennen. De film is net als het huis een doolhof, waar je steeds dichter bij het juiste pad terechtkomt. Enkele plottwists op het einde maken het geheel nog verrassender (hoewel niet elke plottwist even sterk was). Kümel regisseerde met veel gevoel voor sfeer een sterke film, die nog een tijdje in je hoofd rond zal spoken.
Waardering: **** half

ACHTERGRONDINFORMATIE
Met een budget van 1 miljoen euro werd deze film begin jaren ’70 de duurste Belgische speelfilm ooit. De film werd opgenomen in november en december van het jaar 1971. Er werd gedraaid in Brugge, Gent, Oostende, Villers-la-ville en een studio in Brussel. De film werd mede gefinancierd door het Nederlandse ministerie van cultuur, dat in totaal ongeveer 150.000 euro bijdroeg. De film werd in eerste instantie gemonteerd door de Engelsman Richard Marden. Zijn versie werd in 1972 vertoond op het filmfestival en Cannes. De ontvangst was koel. Kümel zelf herkende ook niks van zijn ideeën terug en monteerde later zelf zijn eigen versie, die in maart 1973 in de Vlaamse bioscopen verscheen. De ontvangst bij de Vlaamse pers was gematigd. In de bioscopen trok de film ook geen volle zalen.
BEELD
Het overdreven, groteske kleurgebruik in de film vraagt om een mooie heldere print en gelukkig weet het Belgisch Filmarchief wél hoe ze met klassiekers van eigen bodem om moeten gaan, in tegenstelling tot het Nederlands Filmmuseum. Ook de pellicule van deze film is met veel zorg en aandacht grondig schoongemaakt en het resultaat is werkelijk van verbluffende kwaliteit. Nooit eerder zag je Kümels meesterwerk zo mooi. De contrasten tussen de zwarttinten in en rondom het huis en de blauwe, goudgele kostuums van de personages zijn schitterend. Dat dit alles is vastgelegd in zijn oorspronkelijke 1.85:1 beeldformaat en dan ook nog eens anamorf maakt het feest helemaal compleet. Diepe buiging voor Het Belgisch Filmarchief, dat veel Vlaamse filmklassiekers grondig onder handen heeft genomen en kosten noch moeite spaart om een mooi geheel te vervaardigen.

GELUID
Het geluid staat in een geremasterde Dolby Digital 2.0 track op de dvd. Deze klinkt uitermate goed voor een dergelijk oude film. De hoofdfilm is nagesynchroniseerd voor de Vlaamse bioscooprelease en vanzelfsprekend is de lipsynchronisatie niet 100% optimaal. Toch heb ik mij nergens gestoord aan de dub. Af en toe is het wel wat te overdreven of te luid, maar ik vind dit persoonlijk wel bij de film passen. Aangezien deze van zichzelf al overdreven en groots opgezet is. Ook de geluidstrack werkt mee aan het bijdragen van de sfeer en derhalve valt ook hier niks op aan te merken.

EXTRA’S
De extra’s op deze release zijn talrijk en, wat nog belangrijker is, ook nog van ongekende kwaliteit. Zelden werden een film en haar maker(s) zo diep onderzocht en belicht als bij deze selectie aan extra’s. Via de sfeervolle en prachtig geanimeerde menu’s zijn de volgende extra’s te vinden:
- De Malpertuis Archieven; 37 minuten
In deze documentaire wordt Kümels filmcarrière belicht en krijgen we veel te zien over zijn samenwerking met Jean Ferry (die ook een grote rol speelde bij Kümels Daughters of Darkness). Natuurlijk komt ook de film uitgebreid aan bod. Zo zien we waar en hoe de locaties gecreëerd zijn, praten hoofdrolspelers, producenten en regisseur over Orson Welles en de andere castleden en komt de technische kant aan bod. De documentaire geeft een compleet beeld van het ontstaan en voortbestaan van de (verschillende versies van de) film en geeft een goed beeld van de regisseur Harry Kümel.
- Orson Welles Uncut; 25 minuten
Vertelt het verhaal van Orson Welles’ rol tijdens de opnames. Hij was vrij snel bereid mee te spelen, maar had meteen al een aantal rare eisen en eiste ook een groot deel van het budget op (terwijl hij slechts 3 opnamedagen aanwezig hoefde te zijn en een vrij beperkte rol had). Tijdens de opnamen gedroeg hij zich als een arrogante zak en nam zelf de touwtjes in handen, liet cast en crew uren wachten en dronk er lustig op los. Door archiefbeelden van de set en interviews met betrokkenen krijg je als kijker een goed beeld over zijn abnormale gedrag. Na de drie dagen vertrok hij onmiddellijk en bleek hij toch wel zo vrijgevig om één dagloon cadeau te doen. Mosterd na de maaltijd voor de andere betrokkenen die drie dagen lang in druk en tijdnood hadden gewerkt en blij waren dat hij vertrokken was.
- Audiocommentaar van Harry Kümel; 119 minuten
Interessante track waarin Kümel erg veel vertelt over de hele productie (en vertellen kan hij goed, geloof me). Te beluisteren in het Frans, Engelsen Nederlands.
- Malpertuis Cannes Version – Engels/Frans; 100 minuten
De versie die vertoond is op Cannes, gemonteerd door Richard Marden, en daar volledig de grond in werd geboord. Ik heb deze nog niet gezien, maar Kümel zelf was er totaal niet blij mee. In een brief naar de producenten tijdens de opnameperiode (de montage werd tijdens de opnamen verricht) schrijft hij al: ‘Deze man is totaal niet geschikt voor de montage van deze film’. Zijn protest kreeg echter geen gehoor, waardoor Kümels visie totaal verloren is gegaan en hij op Cannes niet de versie kon laten zien zoals hij het gehad zou willen hebben. Beide versies van de film zijn overigens niet ondertiteld en niet grondig schoongemaakt zoals de versie van Kümel zelf.

- Trailer Malpertuis; 3 minuten
De trailer voor de Cannes versie. De trailer is net als de Cannes versies van de film niet opgepoetst en hier is dus goed te zien hoe mooi Kümels versie is gerestaureerd voor deze release!
- Susan Hampshire, one actress, three parts; 11 minuten
Een 11 minuten durende featurette over de drie rollen die Hampshire in de film speelde. We zien en horen Kümel, Fisher (director of photography) en Hampshire praten over ieder denkbaar detail en zien ondertussen vrij veel archiefbeelden (ongelooflijk hoeveel archiefbeelden er toch nog zijn) waaronder proefopnamen en make-up tests waarin het al verbluffend is om te zien hoe Hampshire steeds geen enkele gelijkenis meer vertoont met het voorgaande personage.
- Malpertuis revisited; 4 minuten
Harry Kümel bezoekt locaties waar de film opgenomen is en we zien hoe het er toen en nu uitzag. Ondertussen geeft Kümel ook nog enige toelichting.
- Jean Ray, John Flanders; 7 minuten
Een soort bio- en bibliografie van de schrijver van Malpertuis, Jean Ray, die in Nederland/Vlaanderen schreef onder het pseudoniem John Flanders. We krijgen wederom archiefbeelden te zien waarin Ray vertelt over Malpertuis en zijn leven.
- Aether (1960), korte film van Harry Kümel; 7 minuten
Korte film van Herman Wuyts en Harry Kümel, destijds beide lid van Filmgroep ’58 dat ook nog besproken wordt in de documentaire De Archieven. Een fantasierijk filmpje met ‘hoofdrollen’ voor een bal en de kleur rood. In de film wordt geen woord gezegd, er is alleen begeleidende muziek. Al in dit filmpje speelt de droom/fantasie (spelletje met de werkelijkheid) een belangrijke rol. Paar leuke visuele trucjes. Zit erg goed in elkaar en is best indrukwekkend.
- De Grafbewaker (1965), televisiedrama van Harry Kümel naar Kafka; 35 minuten
Kort televisiedrama dat Kümel regisseerde in opdracht van de BRT. Doet wat theatraal aan. In lange dialogen vertelt een grafbewaker over de gebeurtenissen in de grafkelder. Wederom speelt het thema fantasie/werkelijk een centrale rol. Door de lange dialogen wordt het soms ietwat saai, maar de hand van Kümel is duidelijk te zien. Visueel vrij sterk.
Woorden van lof schieten tekort om aan te geven wat voor werk het Belgisch Filmarchief geleverd heeft met alle tot nu toe beschikbare dvd’s. Er worden documentaires vervaardigd, archieven doorgespit, korte films opgezocht … niks is te gek. De dvd van Malpertuis spant echter echt de kroon. Hier zijn zes extra documentaires gemaakt speciaal voor de dvd. Ook qua beeld en geluid presenteert men wederom een verbluffend resultaat. Ik kan het niet vaak genoeg zeggen: de Vlaamse Filmkroniek reeks is het geld absoluut meer dan waard.

Speelduur
ca. 119 minuten
Distributie
Belgisch Filmarchief
Release datum DVD
15 juli 2005
Verpakking
Keepcase
Regio
2
Beeld
16:9 Anamorphic (1,85)
Geluid
Dolby Digital 2.0 – Nederlands
Dolby Digital 2.0 – Frans
Dolby Digital 2.0 – Engels
Ondertiteling
Nederlands
Frans
Engels
Extra’s
Disc 1:
De Malpertuis archieven
Orson Welles Uncut
Audiocommentaar van Harry Kümel
Disc 2:
Malpertuis Cannes version Engels
Malpertuis Cannes version Frans
Originele bioscooptrailer
Susan Hampshire, one actress, three parts
Malpertuis revisited
Jean Ray, John Flanders
Korte film Aether (1960, Kümel)
Korte film De Grafbewaker (1965, Kümel)





Orsen…?